Link naar homepage

Sanering Cokeries du Brabant

De activiteiten van de voormalige cokesfabriek ‘Cokeries du Brabant’ vervuilden de grond en het grondwater van de site en de nabije omgeving. De sanering van de verontreiniging ontstaan door de cokesfabriek, loopt in verschillende fases. Alle details hierover vind je steeds terug op deze pagina.

De OVAM verleende op 23 juli 2021 het conformiteitsattest voor het gefaseerd bodemsaneringsproject voor de vijverzone. De Vlaamse Waterweg nv stelt een aannemer aan en de saneringswerken in de vijverzone zullen starten halfweg 2022.

Voor het noordelijke deel van de site (het voormalige Total-terrein) wordt het bodemsaneringsproject op korte termijn ingediend bij de OVAM. Hetzelfde geldt voor het bodemsaneringsproject dat apart voor de grachten is opgesteld. 

Meer informatie over het volledige bodemsaneringsproject op de site Cokeries du Brabant kan je hieronder terugvinden.

Zijn hiermee nog niet al je vragen beantwoord, ga dan eens kijken in de rubriek “Vraag & Antwoord”.  

Het project in een notendop
Situering van de projectzone
Historiek van het terrein
Cokesfabriek vervuilde grond en grondwater
Opstart bodemsaneringsproject
Aanpak van de saneringswerken per zone
Timing en fasering van sanering vijverzone
Minderhindermaatregelen tijdens de werken
Wie is wie?
Heb je nog vragen?

Het project in een notendop

De activiteiten van de voormalige cokesfabriek ‘Cokeries du Brabant’ vervuilden de grond en het grondwater van de site en de nabije omgeving. De verontreiniging heeft bij normaal gebruik van de terreinen en de omliggende percelen geen gevolgen voor de gezondheid. Echter, is het niet toegelaten om grondwater op te pompen in de omgeving van de voormalige fabriek en mag je het grondwater niet gebruiken als drinkwater voor mens of dier of om gewassen te besproeien.

De historische verontreiniging in de grond en het grondwater ontstaan door de cokesfabriek is uitgebreid onderzocht door staalnames en bestudeerd in verschillende rapporten. We weten dat de verontreiniging zich in oostelijke richting in het grondwater verspreidde tot onder de aanpalende Gaston Devoswijk en verder tot onder de landbouwgronden. De vervuiling heeft zich nog niet verspreid tot aan het natuurgebied dat nog verder in het oosten ligt.

De volledige sanering van de verontreiniging ontstaan door de cokesfabriek, loopt in verschillende fases. Alle details hierover vind je steeds terug op deze pagina.

Naar aanleiding van deze verontreiniging werd op 28 april 2021 een eerste bodemsaneringsproject ingediend voor de vijverzone tussen het huidige Caterpillar-terrein en de Gaston Devoswijk. Een bodemsaneringsproject bestudeert wat de meest geschikte techniek is om de verontreiniging aan te pakken. Een goedgekeurd bodemsaneringsproject is vervolgens een vergunning voor de uitvoering van de saneringswerken. De kosten voor de saneringswerken van de grond aan de vijver worden geraamd op 2,5 miljoen euro.

Voor het noordelijke deel van de site (het voormalige Total-terrein) wordt het bodemsaneringsproject op korte termijn ingediend bij de OVAM. Aan de hand hiervan zal op dit noordelijke deel zowel de verontreiniging veroorzaakt door Total als de verontreiniging afkomstig van de cokesfabriek verwijderd worden. Ook ten behoeve van de verontreiniging die via de grachten is verspreid, zal er een apart bodemsaneringsproject worden opgesteld. De kosten voor de saneringswerken van deze beide delen worden geraamd op ruim 10 miljoen euro.

Situering van de projectzone

De site waar de verontreiniging ontstond, ligt ten noorden van het centrum van Grimbergen, tussen de Oostvaartdijk en de Eppegemsesteenweg, ter hoogte van de Verbrande Brug. Dit industriegebied ligt aan de rechteroever van het Zeekanaal Brussel-Schelde (kant Oostvaartdijk) en valt net binnen de grenzen van de gemeente Grimbergen.

Op het zuidelijk deel van het terrein is de voormalige exploitatie van DHL en Coffral in 2014 herontwikkeld. In de vernieuwde gebouwen en op het nieuw aangelegde terrein is nu Caterpillar actief. Op het terrein ernaast langs het kanaal bevindt zich Saint-Gobain-Weber, voorheen Beamix. Tussen het Caterpillar-terrein en de Gaston Devoswijk ligt nog een groene bufferzone met een vijver.

Het noordelijk deel van dit terrein is momenteel braakliggend.

Plan sanering Cokeries du Brabant

Historiek van het terrein

Kasteeldomein werd cokesfabriek

Op het terrein bevond zich tot begin van de jaren 1970 een cokesfabriek. Deze fabriek, ook wel gekend als ‘Cokeries du Brabant’, zette steenkool om in cokes en gas. De cokes werden geproduceerd om te gebruiken bij de productie van staal. Het gas kon worden gebruikt voor verlichting en verwarming.

De hoofdactiviteiten van de cokesfabriek waren gevestigd op de percelen waar nu Caterpillar en Saint-Gobain Weber liggen. Het noordelijke terreindeel werd voornamelijk gebruikt voor de opslag van steenkool en de geproduceerde cokes.

Van steenkool naar cokes

De steenkool werd verhit tot een temperatuur van 1000 °C en zo omgevormd tot cokes. De cokes werden vervolgens afgekoeld met koelwater en opgeslagen in het cokespark.

De gassen en dampen, die vrijkwamen uit de verhitte kolen, werden opgevangen en gereinigd. Ook het koelwater werd gereinigd. Deze reinigingstappen leverden heel wat bij- en afvalproducten op. De belangrijkste zijn enerzijds teer als restproduct na de verwarming van de steenkolen en anderzijds ijzeraarde dat is gebruikt voor de zuivering van de gassen.

In teer zitten verontreinigende stoffen zoals PAK’s (bijvoorbeeld naftaleen), minerale olie en vluchtige aromaten (zoals benzeen). In de ijzeraarde werden de cyanides uit de gassen opgevangen. Cyanides zijn namelijk in hoge concentraties in de ijzeraarde aanwezig. De aanwezige cyanides zijn wel chemisch gebonden in complexen. Hierdoor zijn ze stabiel en minder toxisch dan de gevaarlijkere vrije cyanides. Deze restproducten vind je terug op vele cokes- en gasfabrieken en geven tegenwoordig bij de herontwikkeling van zo’n terreinen aanleiding tot een bodemsanering.

Afbraak cokesfabriek

In 1969 heeft de rechtsvoorganger van De Vlaamse Waterweg nv het terrein gekocht. Tussen 1971 en 1975 werden uiteindelijk de installaties van de cokesfabriek afgebroken.

Op het noordelijke terreindeel vestigde Total zich in 1976 voor de uitbating van een grote opslagplaats van brandstoffen (gassen en olie). Er was ook infrastructuur voor het laden en lossen van tankschepen en een laadplaats voor tankwagens. In 2006 werd deze exploitatie stopgezet en werden de installaties afgebroken. Enkel de verhardingen zijn nog aanwezig. Sindsdien is dit terreindeel niet meer in gebruik.

Het zuidelijk terreindeel wordt sinds 1979 tot op heden gebruikt voor industriële activiteiten, voornamelijk opslag en distributie, en is grotendeels verhard en bebouwd.

Cokesfabriek vervuilde grond en grondwater

De jarenlange activiteiten van de cokesfabriek verontreinigden de bodem van het terrein. De verontreiniging in de grond en het grondwater ontstaan door de cokesfabriek is uitgebreid onderzocht door staalnames en bestudeerd in verschillende rapporten. In 2012 maakten we een beschrijvend bodemonderzoek op voor de hele site. Dit verfijnden we in aanvullende beschrijvende bodemonderzoeken in 2017 en 2019.

We keken ook naar de impact van de latere terreingebruikers op de bodem. Vooral de exploitatie van Total na de cokesfabriek veroorzaakte bijkomende verontreiniging van minerale olie in de bodem. Ook die bestudeerden we in een beschrijvend bodemonderzoek in 2014. Die vervuiling wordt samen met de andere verontreinigingen op dit terreindeel gesaneerd.

De beschrijvende bodemonderzoeken bestudeerden naast het afperken van de verontreiniging ook het risico ervan. Modelmatige berekeningen en uitgevoerde metingen in de omgevingslucht toonden aan dat de aanwezige verontreinigingen geen toxicologisch risico inhouden bij het huidige gebruik van de terreinen. De verontreiniging houdt dan ook geen risico’s in voor de gezondheid.

Hieronder wordt de verontreiniging nader uitgelegd.

Verontreiniging door teer

Plaatselijk drong het teer in de grond. Teer kan naar beneden zakken tot ver onder de grondwatertafel. De verontreinigende stoffen in teer kunnen zich verder verspreiden doordat ze met het grondwater mee stromen. De verontreinigende stoffen in teer blijven echter plakken aan de grond en kunnen ook op natuurlijke wijze, met behulp van de aanwezige bacteriën in de bodem, worden afgebroken. Daarom stelden we een verspreiding van deze stoffen buiten het voormalige terrein van de cokesfabriek slechts beperkt vast.

Vervuiling door ijzeraarde

De aanwezige ijzeraarde werd op de site achtergelaten en wordt over een grote oppervlakte van de voormalige cokesfabriek vermengd met de bodem aangetroffen. De erin aanwezige gecomplexeerde cyanides kunnen makkelijk uitspoelen. In tegenstelling tot de stoffen die in teer aanwezig zijn, ‘plakken’ de cyanides amper aan de bodemdeeltjes. Ze worden ook nauwelijks op natuurlijke wijze afgebroken. Daardoor neemt het grondwater deze cyanides makkelijk mee. Hierdoor zijn er in de stromingsrichting van het grondwater ten oosten van de voormalige Cokeries site over een grote oppervlakte gecomplexeerde cyanides in het grondwater aanwezig.

Gebruiksadviezen

Om het veilig gebruik van het terrein te kunnen garanderen, formuleerden we op basis van het uitgevoerde onderzoek een aantal ‘gebruiksadviezen’. Zo mag je in de omgeving van de voormalige fabriek het grondwater niet oppompen en niet gebruiken als drinkwater voor mens of dier of om gewassen te besproeien. De vervuiling vormt echter geen risico bij normaal gebruik van het terrein en de omliggende percelen.

Ook Total vervuilde grond en grondwater

Verontreiniging door minerale olie

Door lekken en morsverliezen zijn er tijdens de activiteiten van Total ter hoogte van de voormalige tankenopslag en de voormalige laadkaai ook minerale olie en vluchtige aromaten in de bodem en het grondwater terechtgekomen. Ook deze componenten blijven in belangrijke mate ‘plakken’ aan de grond. Bovendien blijft olie drijven op het grondwater en lost deze slechts erg moeilijk op in het grondwater. Ook hier stelden we nauwelijks een verspreiding van deze stoffen buiten het voormalige terrein van de cokesfabriek vast.

Opstart bodemsaneringsproject

Vervuilde zones in kaart gebracht

De verontreiniging afkomstig van de site verspreidde zich in oostelijke richting tot onder de aanpalende Gaston Devoswijk en verder tot onder de landbouwgronden. De vervuiling verspreidde zich nog niet tot aan het natuurgebied dat nog verder in het oosten ligt. Op de kaart hieronder kan je zien waar de verontreinigingen zich bevinden.

Kaart vervuilde zones Cokeries du Brabant

Waarom is een bodemsanering noodzakelijk?

Doordat de verontreiniging voorkomt in dermate hoge concentraties, vervuilt deze nog zeer lange tijd het grondwater. Daarom is een bodemsanering noodzakelijk. Voor de cyanides is de aanpak prioritair. Aangezien deze verontreiniging door niks wordt vertraagd in de bodem en ook niet op natuurlijke wijze wordt afgebroken, vormt de verspreiding ervan op zich een risico. Indien we de verspreiding niet stoppen, worden steeds grotere volumes grondwater verontreinigd.

In het slib van de grachten ten (zuid)oosten van de site zijn verhoogde concentraties aan complexe cyanides gemeten. Dit slib is door de jaren met het water vanaf het Cokeries-terrein meegevoerd en heeft zich in de grachten afgezet. De cyanides in het slib zorgen ook voor aanwezigheid van cyanides in het water van de grachten. Deze verhoogde concentraties houden bij het huidige gebruik geen risico in voor de gezondheid. Ook niet door het eten van de eventueel geteelde gewassen of voor de dieren op de weiden. Maar de verspreiding van de verontreiniging via de beken en grachten, zeker in de richting van het natuurgebied, moeten we absoluut voorkomen. Daarom saneren we ook het slib in de grachten.

Bodemsaneringsproject in fasen

Door de huidige activiteiten op de site van Caterpillar en Saint-Gobain Weber kunnen we niet alle verontreinigingen in één keer aanpakken. Het grootste deel ervan bevindt zich binnen de omtrek van het oude fabrieksterrein, maar verspreidt zich slechts traag. Hierdoor saneren we een deel van de verontreinigingen op een later tijdstip.

Met de huidige onderzoeksgegevens stellen we nu dus de eerste bodemsaneringsprojecten op voor delen van de verontreinigingen. Een bodemsaneringsproject bestudeert de meest geschikte techniek om de verontreiniging aan te pakken. Vervolgens is een goedgekeurd bodemsaneringsproject een vergunning voor de uitvoering van de saneringswerken.

Tot slot blijven we de verontreiniging nauw opvolgen, zolang er nog geen bodemsanering is uitgevoerd voor alle aanwezige verontreinigde vlekken.

Aanpak van de saneringswerken per zone

De saneringswerken voor de site ‘Cokeries du Brabant’ gebeuren in verschillende stappen, zowel gespreid in tijd als verspreid op het terrein. Hieronder vind je een overzicht per terreingedeelte terug.

De Vlaamse Waterweg nv start eerst met de sanering van de vijver tussen het Caterpillar-terrein en de Gaston Devoswijk. Deze zone is vlot toegankelijk voor graafwerken. Nadien zullen het voormalige Total-terrein en de grachten worden aangepakt.

Het zuidelijk deelterrein: de vijverzone

De verontreiniging met cyanides in het grondwater is het sterkst in de vijverzone. In deze zone is dus een bron van cyanideverontreiniging aanwezig. Bijkomend bodemonderzoek in en rond de vijver toonde aan dat in de grond rond en vooral ten noorden van de vijver grote hoeveelheden cyanides zitten. Deze zone is niet verhard en verdere uitspoeling van cyanides in deze zone is dan ook zeer waarschijnlijk. Gezien de omvang van de verontreiniging met cyanides in het grondwater, is het van groot belang om elke mogelijke bijkomende verontreiniging te vermijden. De grond in de vijverzone wordt dan ook prioritair gesaneerd.

Het zuidelijk deelterrein: Caterpillar – Saint-Gobain Weber

Dit terrein is bijna volledig verhard en over een groot deel van het terrein worden activiteiten uitgevoerd die voor de werking van Caterpillar en Weber van groot belang zijn. Hierdoor kunnen we geen verfijnend onderzoek doen dat in de aanloop van een sanering noodzakelijk is. De verontreiniging in de ondergrond is ook niet bereikbaar om te saneren. De afdekking van het terrein betekent evenwel dat de verontreiniging niet sterk kan uitspoelen. De uitgevoerde controles op de verspreiding van de verontreinigingen in het grondwater tonen aan dat de verontreiniging als stabiel kan worden beschouwd.

Een effectieve bodemsanering is pas mogelijk wanneer de activiteiten op dit terreindeel worden stopgezet en de mogelijkheid ontstaat om gebouwen en verharding te verwijderen. Dit wordt dus doorgeschoven naar de toekomst.

Dit kan natuurlijk enkel maar indien van deze verontreiniging geen acuut risico uitgaat. Daarom wordt het verspreidingsgedrag van de verontreiniging op dit terreindeel nauwlettend opgevolgd. Indien er ten gevolge van de bodemverontreiniging alsnog een risico optreedt, zullen maatregelen worden uitgewerkt om dit risico te beheersen in afwachting van de sanering. De belangrijkste opvolgingsmaatregel bestaat eruit dat de verspreiding van de verontreiniging in het grondwater periodiek wordt gemeten. Indien een ontoelaatbare verspreiding van de verontreiniging optreedt, zal worden opgetreden.

Het noordelijk deelterrein: ex-Total

Dit gedeelte krijgt in de nabije toekomst een nieuwe invulling voor watergebonden industriële activiteiten. Voorafgaand aan de ingebruikname van dit terrein moet de sanering ervan worden uitgevoerd. De Vlaamse Waterweg nv heeft hiervoor een overeenkomst afgesloten met de concessionaris WDP en Montea die niet alleen het terrein inricht, maar ook de noodzakelijke saneringswerken uitvoert. De sanering heeft tot doel om de risico’s van de aanwezige verontreinigingen weg te nemen om het terrein terug geschikt te maken voor een industrieel gebruik.

Hoofdzakelijk bestaan de saneringswerken uit het afgraven van de verontreinigde grond. Een deel van deze grond zal een voorbehandeling ter plaatse krijgen vooraleer de afvoer ter verwerking ervan. De afvoer zal via schepen via het kanaal plaatsvinden. Het is voorzien deze werken op het einde van het jaar 2022 te laten starten. Zodra hierover meer details gekend zijn, vind je meer informatie op deze pagina terug.

De grachten

De verontreiniging van de grachten staat in verband met de vervuiling van het noordelijk deelterrein. Dit betekent dat de kandidaat-concessionaris voor het noordelijk terrein ook de grachten zal aanpakken. Dit houdt het verwijderen van het slib in de grachten in en het afvoeren ervan voor verwerking.

Deze werken worden pas uitgevoerd nadat de saneringswerken op het noordelijke deelterrein ex-Total zijn afgerond. Op die manier kan er geen bijkomende vervuiling meer zijn van het noordelijk deelterrein op de geruimde grachten. Zodra hierover meer details gekend zijn, vind je alle info hier terug.

Brownfieldconvenant

Een brownfield is een geheel van verwaarloosde of onderbenutte gronden die zodanig zijn aangetast, dat zij slechts gebruikt of opnieuw kunnen worden gebruikt door middel van structurele maatregelen.

In december 2018 hebben WDP en Montea – op dat moment kandidaat-concessionaris – een aanvraag voor een “Brownfieldconvenant” ingediend. Dit betreft een instrument van de Vlaamse Regering om administratief-juridisch en eventueel financieel te helpen een complexe problematiek op te lossen die de herontwikkeling van zo’n brownfield belemmert.

Timing en fasering van sanering vijverzone

Eerst saneren we de grond van de vijverzone en na een bijkomende studie pas de grondwaterverontreiniging. Meer informatie vind je hieronder terug.

Sanering grond

De vijver is een broedplaats voor dieren. Om de aanwezige dieren altijd een geschikte leefomgeving te geven, gebeuren de werken aan de vijver in twee grote fases.

  • Fase 1: 2022 (start voorzien in juli)
    • Als voorbereiding op de graafwerken verwijderen we de begroeiing in de noordelijke helft van de vijverzone, bouwen we een dam in het midden van de vijver en pompen we de noordelijke helft van de vijver leeg. We doen dit op een moment dat het voortplantingsseizoen van de dieren niet verstoord wordt.
    • We graven de grond rond het noordelijke deel van de vijver weg en voeren hem af voor verwerking. De afvoer van de grond gebeurt per schip.
    • Het terrein en de vijver leggen we daarna grotendeels terug aan zoals het was voor de graafwerken.
       
  • Fase 2: ongeveer 3 jaar later
    Zodra de natuur rond het gesaneerde stuk van de vijver is hersteld, pakken we de tweede helft van de vijver aan. Dat gebeurt op dezelfde manier.
     

Saneren vervuild grondwater

Als de bron van de cyanideverontreiniging in de grond is verwijderd, blijft in het grondwater nog steeds een aanzienlijke hoeveelheid cyanide aanwezig. De sanering van deze grondwaterverontreiniging is technisch niet vanzelfsprekend en vergt nog bijkomende studie om de optimale methode voor deze sanering te selecteren. Ondertussen wordt ook geëvalueerd, hoe groot het positief effect is van de ontgraving van de grond aan de vijver.

Zodra het effect van de verwijdering van de bron van de verontreiniging in de grond duidelijk is en de efficiëntie van de verschillende saneringsmethodes is bestudeerd, wordt de aanpak voor het grondwater in de vijverzone en daarbuiten bepaald.

Minderhindermaatregelen tijdens de werken

Het weggraven van de vervuilde grond aan de vijver zal voor beperkte hinder zorgen, zoals geluid, trillingen en mogelijk geurhinder. Uiteraard zorgen we ervoor dat tijdens de werken zich geen gevaarlijke stoffen via de lucht verspreiden.

De aard van de aanwezige bodemverontreiniging biedt weinig andere mogelijkheden dan deze te ontgraven en in een gespecialiseerde installatie te reinigen of verwerken. Dit houdt in dat in deze zone ingrijpende graafwerkzaamheden gaan plaatsvinden. Alle grond met te hoge verontreinigingsniveaus dient te worden ontgraven en afgevoerd. 

Om de ontgraving van de verontreiniging mogelijk te maken dient de vijver te worden drooggelegd. Voor de aanleg van deze dam is er gedurende een beperkte periode toegang tot de site via de Gaston Devoswijk nodig. Er zal gedurende deze periode grond voor de aanleg van de dam via de wijk worden aangevoerd. 

De andere transporten van gronden en materieel zullen worden geregeld via het voormalige Total-terrein. De transporten zullen maximaal via het kanaal worden uitgevoerd. Er zal dan ook overslag plaatsvinden op de kade. Dit zou echter niet meer hinder mogen opleveren dan de activiteiten die nu al bij Saint Gobain Weber plaatsvinden. Indien kleine partijen dienen te worden afgevoerd, zal dit via de weg gebeuren. Dit zal echter tot een absoluut minimum worden beperkt.

Hier vind je steeds een update over de actuele minderhindermaatregelen van de saneringswerken.

Wie is wie?

De Vlaamse Waterweg nv is eigenaar van het terrein en gaf studiebureau Witteveen+Bos Belgium de opdracht om de bodemonderzoeken uit te voeren en de eerste fase van het bodemsaneringsproject op te stellen en de uitvoering ervan te begeleiden.

De Vlaamse Waterweg stelde via een openbare aanbestedingsprocedure DEME Environmental aan als aannemer voor de saneringswerken in het noordelijk deel van de vijverzone.

De concessionaris voor het noordelijk deelterrein is WDP-Montea. Zij hebben DEME Environmental aangesteld voor de uitvoering van de saneringswerken.

Heb je nog vragen?

Stel ze via regio.centraal@vlaamsewaterweg.be.

Laatste nieuws

Top