Te paard

Paardrijden wordt toegestaan op specifieke ruiterroutes die worden ingericht in de berm gescheiden van het jaagpad en waar er voldoende ruimte beschikbaar is.

Naar aanleiding van de uitwerking van het Vlaams Actieplan voor de Paardenhouderij (2009) werd de openstelling van de jaagpaden voor ruiters onderzocht. Langs de waterwegen werden 47,9 km jaagpad of zijstroken/bermen langs de waterwegen opengesteld voor ruiters, die deel uitmaken van een ruiternetwerk. Een overzicht van bestaande ruiterroutes is terug te vinden op www.ruiterpaden.be.

Waar de ruimte voorhanden is kan de waterwegbeheerder bij aanleg of renovatie van een jaagpad een ruiterpad aanleggen naast het jaagpad op vraag van de sector. Deze worden bij voorkeur ingericht op onverharde, verkeersarme of verkeersvrije paden en wegen. Waar de breedte van het jaagpad minder dan 2,5 meter bedraagt en er onvoldoende ruimte in de berm voorhanden is, worden ruiters nooit toegelaten. Bij het voorzien van een ruiterpad wordt rekening gehouden met de mogelijke gevaren van paard en ruiter voor de eigen veiligheid als ook voor de veiligheid van de jaagpadgebruikers. Zo zal er bijvoorbeeld geen ruiterpad kunnen ingericht worden langs de rivier- of kanaalzijde van het jaagpad of daar waar geen mogelijkheid is om opnieuw de waterweg te verlaten bij een val in het water. De eventuele kosten voor de inrichting (inclusief de plaatsing van de signalisatie en bewegwijzering) en het onderhoud van ruiterpaden dienen gedragen te worden door de aanvrager.

Koetsen of gespannen zijn niet toegelaten op of langs de jaagpaden. De waterwegbeheerders faciliteren dan ook geen inrichting van menroutes.

Top