Binnen het beheergebied van De Vlaamse Waterweg komen tal van uitheemse soorten voor. Het aantal is de afgelopen jaren sterk gestegen. Vaak zie je ze verschijnen naast (water)wegen omdat ze meereizen met personen of goederen. Of ze ontsnappen uit de kweek of gevangenschap. Soms worden ze ook ingevoerd (bijvoorbeeld als sierplant) zonder dat men zich bewust is van het invasieve karakter. 

Welke soorten bestrijden we?

Waterteunisbloem  aan de Bergenvaart

De meeste soorten veroorzaken geen problemen, maar sommige planten en dieren verspreiden zich snel en vormen een risico voor natuur, infrastructuur, waterbeheer en scheepvaart. Deze noemen we invasieve exoten. 

De Japanse duizendknoop is, samen met de Sachalinse en Boheemse duizendknoop, zo’n invasieve exoot. De soort duikt op langs alle belangrijke transportassen in Vlaanderen, zowel langs wegen als langs waterwegen. 

De Japanse duizendknoop is niet de enige soort die een impact heeft op onze infrastructuur en de omliggende omgeving. Ook andere invasieve planten- en diersoorten kunnen zich snel verspreiden. 

Daarom zet De Vlaamse Waterweg, samen met partners zoals de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) en kennisinstellingen zoals het INBO, in op het beheer en de bestrijding van een aantal prioritaire planten- en diersoorten. 

De bestrijding van invasieve exoten is een langdurig proces. Onderzoek, samenwerking en preventie moeten de impact op onze waterwegen zo veel mogelijk beperken.

 

Wat kan jij als burger doen?

Grote watersnavel in de Zuidervaart

Iedereen kan meehelpen om de verspreiding van invasieve exoten te beperken: 

Gooi nooit tuinafval of vijverplanten in de natuur of waterlopen. Achtergelaten snoeiafval of aquatische plantenresten kunnen nieuwe haarden van exoten veroorzaken. Breng groenafval altijd naar een inzamelpunt of composteer het correct.

Kies geen invasieve planten voor tuin of vijver. Bekijk bij de aankoop van planten of ze niet bekendstaan als invasief. Veel potentiële plaagsoorten (bv. sommige waterplanten of sierstruiken) zijn intussen niet meer toegelaten in de handel, maar wees toch waakzaam. Er zijn voldoende veilige alternatieven.

Laat geen uitheemse dieren los in het wild. Een exotische vis, schildpad of andere huisdierrelease in een vijver of rivier kan verregaande gevolgen hebben. Breng ongewenste dieren liever naar een opvangcentrum in plaats van ze vrij te laten.

Meld invasieve exoten in je buurt. Zie je een exotische plant of dier opduiken langs een waterweg of in de natuur? Geef dit door aan de betrokken diensten. Je kan dit melden bij de gemeente of via natuurplatforms zoals https://www.waarnemingen.be. Zo help je beheerders om sneller op te treden.

 

Checken - reinigen - drogen

Zeker watersporters, zwemmers en vissers kunnen hun steentje bijdragen. Invasieve uitheemse soorten kunnen zich makkelijk verspreiden via natte uitrusting en kledij. Simpelweg het protocol checken – reinigen – drogen volgen, helpt om de verspreiding van exoten te beperken en de lokale biodiversiteit in onze wateren te beschermen.

Hou deze drie stappen in acht voor je van water verandert: 

  • Checken: inspecteer kledij, schoenen, boot en uitrusting (kajaks, peddels, hengels) en verwijder alle modder, plantenresten en waterdiertjes ter plekke
  • Reinigen: maak alles wat in contact geweest is met water zo snel mogelijk grondig schoon, bij voorkeur met heet water of ontsmettingsmiddel
  • Drogen: laat je uitrusting minstens 48 uur drogen voor je ze elders gebruikt

Gedetailleerd advies per sector: iasregulation.be

 

Japanse duizendknoop

Japanse duizendknoop

Dijken zijn een ideale groeiplek voor de duizendknoopsoorten. De duizendknoop kan niet zo goed tegen schaduw, maar op de dijken kiezen we uit veiligheidsoverwegingen net voor lage vegetatie, en niet voor bomen die schaduw geven. Zodra de plant zich vestigt, groeit deze veel sneller dan de omringende vegetatie en heeft zo een concurrentievoordeel. Met zijn grote bladeren maakt de duizendknoop het andere, lagere planten bovendien onmogelijk om licht op te vangen en te groeien. Wat overblijft is een eentonig landschap van duizendknoop met daaronder een kale bodem. 

Bloemrijke dijk

Waarom vormt dit een probleem? Dijken zijn in de eerste plaats veiligheidsconstructies die ons moeten beschermen. De eerste beschermlaag op de helling van zo’n dijk is de grasmat, waarbij het gras ‘dakpangewijs’ gaat platliggen wanneer water over de dijk stroomt bij extreme weersomstandigheden en zo de kracht van het water breekt. Hoe soortenrijker deze grasmat, hoe erosiebestendiger de dijken zijn, en hoe minder kans op een dijkbreuk. Een soortenrijke grasmat betekent dus een win-winsituatie: ecologie en veiligheid zijn erbij gebaat. We streven de instandhouding en versterking van dit soort vegetaties dan ook na op de dijken. Maar de duizendknoop strooit roet in het eten. Onder de planten rest niets dan een kale bodem waardoor enerzijds de erosiebestendigheid van de dijk vermindert en anderzijds een eentonige vegetatie zonder diversiteit tot stand komt. 

Strijd nog niet gewonnen

Er is momenteel nog geen effectieve bestrijdingsmethode voor de duizendknoopsoorten gekend. Tot voor kort werd op de dijken langs de bevaarbare waterlopen een gericht maaibeheer toegepast, waarbij het maaisel van de duizendknoop meteen werd afgevoerd. Na evaluatie bleek dat deze methode de verspreiding van de plant eerder in de hand lijkt te werken dan te stoppen. Door het maaien wordt de duizendknoop gestimuleerd om ondergronds via haar wortelstokken betere oorden op te zoeken en uit te breiden. Dat het wortelstelsel van de plant zich enorm vertakt, zowel in de diepte als in oppervlakte, maakt de bestrijding er niet makkelijker op. Ook kunnen kleine worteldeeltjes die wegspringen tijdens het maaien een bron zijn van nieuwe verspreiding. Kleine stukjes van de wortelstokken zijn al voldoende om de duizendknoop op een andere locatie wortel te doen schieten. 

De strijd tegen de Japanse duizendknoop steunt vandaag op vier principes: preventie, nulbeheer, beperkt maaien en totaalverwijdering bij grote investeringswerken.  

Voorkomen is beter dan genezen. Daarom zetten we in op preventie, zodat nieuwe haarden van duizendknoop zich niet kunnen vestigen. We stappen af van het klassieke maaibeheer en nemen bij investeringswerken extra maatregelen om verspreiding via grondverzet te vermijden. 

Het Instituut voor Natuur en Bosonderzoek (INBO) adviseert om gevestigde kolonies voorlopig via nulbeheer aan te pakken, zolang er geen betere bestrijdingsmethode bekend is. Dat betekent dat we locaties waar duizendknoop sterk geconcentreerd voorkomt, bewust met rust laten om verdere verspreiding te vermijden.  

We maaien duizendknoop enkel wanneer het strikt noodzakelijk is voor de zichtbaarheid en veiligheid, bijvoorbeeld langs smalle jaagpaden of om signalisatie vrij te houden.

Wanneer er in de projectzone bij investeringswerken, zoals de aanleg van een nieuwe brug, duizendknoop voorkomt, worden er middelen ingezet om deze haarden volledig te verwijderen. De plant wordt dan machinaal uitgegraven tot op de diepte en breedte van het wortelstelsel. Nadien is een volledige herstel van dijk en oever nodig. Omdat deze aanpak zeer ingrijpend en kostelijk is, is ze niet geschikt als reguliere beheertechniek. 

Proefprojecten

Intussen testen we op kleinere schaal verschillende methodes op het terrein in samenspraak met het INBO. In het verleden hebben we reeds de beheermethode kneuzen getest nabij het Fort Sint-Marie in Zwijndrecht door er met een voertuig met rupsbanden over te rijden. Meer informatie: proefproject kneuzen. 

Ook testten we het uitspitten van duizendknoop ter hoogte van het gecontroleerd overstromingsgebied de Polders van Kruibeke en langs het Afleidingskanaal van de Leie. Meer informatie: proefproject uitspitten. Deze methode is effectief om kleine, nieuwe haarden te bestrijden. De methode is echter vrij arbeidsintensief en niet haalbaar op reeds gevestigde grote haarden. 

Recent zijn we gestart met het testen van een innovatieve bestrijdingsmethode door middel van elektrocutie voor duizendknoop. Een elektrische stroom wordt dan door de plant gestuurd tot in de wortels, waardoor de duizendknoop verzwakt en afsterft. Dit proces wordt meerdere keren herhaald doorheen het groeiseizoen en gedurende meerdere jaren. 

De perfecte oplossing voor de bestrijding van duizendknoop is nog niet gevonden.