De aanmelding van de project-MER (Milieueffectenrapport) is weer een stap vooruit in de procedure om het asbeststort en het huisvuilstort in de Kleiputten Terhagen te saneren. Door de project-MER officieel aan te melden wordt via OVAM advies gevraagd aan de Vlaamse overheid. Met dat advies laten provincie Antwerpen en De Vlaamse Waterweg nv het definitieve project-MER en Bodemsaneringsproject uitwerken. De sanering behelst een asbest- en huisvuilstort in putten ontstaan na kleiontginning in Terhagen in Boom en Rumst. De provincie Antwerpen en De Vlaamse Waterweg nv, de huidige grondeigenaars, bereiden er al jaren een saneringsproject voor.
MER is de afkorting van Milieueffectenrapport, wat voor dit saneringsproject een verplicht rapport is. De aanmelding van de project-MER bestaat uit een scopingnota die vijf saneringsvarianten beschrijft en een quickscan die een eerste ruwe inschatting doet van hun impact op het leefmilieu, de mens, het landschap en de natuur. De huidige grondeigenaars, de provincie Antwerpen en De Vlaamse Waterweg nv, deden vandaag die aanmelding voor de sanering van het asbest- en het huisvuilstort in de Kleiputten Terhagen en zetten daarmee een volgende stap richting sanering van de storten.
"De vervuiling in de Kleiputten van Terhagen is een erfenis uit het verleden die we niet mogen doorschuiven naar de volgende generaties", zegt gedeputeerde Luk Lemmens. "We hebben de verantwoordelijkheid om dit grondig en zorgvuldig aan te pakken. Na jaren van onderzoek en procedures komt er nu eindelijk meer duidelijkheid over de sanering. Daarbij willen we niet alleen een duurzame oplossing voor de vervuiling, maar ook de hinder voor de omwonenden zoveel mogelijk beperken. Want zij wachten al lang genoeg op een oplossing."
Meer duidelijkheid over saneringswijze
Vijf saneringsvarianten zijn vergeleken door onafhankelijke experten. Eerst deed een onafhankelijke erkend bodemsaneringsdeskundige een multi-criteria-analyse volgens de Code Van Goede Praktijk die de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij (OVAM) voorschrijft. Hij keek daarbij naar factoren zoals technische haalbaarheid, kosten voor uitvoering, hinder bij uitvoering, duurzaamheid, effect op het milieu en sociale aspecten.
Daarna maakte een team van erkende MER-deskundigen (MilieuEffectenRapport) een eerste vergelijking van de mogelijke milieueffecten van de verschillende saneringsvarianten voor beide stortplaatsen. Ze deden een kwantitatieve vergelijking van bijvoorbeeld de hoeveelheid aan te voeren grond, het aantal hectare ontbossing en de hoeveelheid aan en af te voeren materialen. Daarnaast maakten ze een eerste kwalitatieve beoordeling van de impact op leefmilieu, mens, landschap en natuur.
“De conclusies van die twee onafhankelijke procedures wijzen duidelijk in dezelfde richting ten voordele van saneringsvariant 2: de stortplaatsen isoleren door de twee lekkende flanken van het huisvuilstort te sluiten en het asbeststort rigoureus afdekken”, gaat Luk Lemmens verder. “Deze saneringsvariant heeft het minste ruimtelijke impact, vraagt de minste ontbossing, veroorzaakt de minste hinder en kent de snelste uitvoering.”
Grondaanvoer
Voor het afdekken van de stortplaatsen is er ook in variant 2 veel grond nodig. “We onderzochten vier verschillende mogelijkheden om die grond aan te voeren. De eerste, de aanvoer van alle grond via de openbare weg, doen we niet. Met in totaal meer dan 20.000 vrachtwagens zou het lokale wegennet te zwaar belast worden, wat extra stof, geluidshinder en luchtvervuiling zou veroorzaken”, legt Filip Boelaert, gedelegeerd bestuurder bij De Vlaamse Waterweg nv uit. “De aanvoer van grond is wel mogelijk via de Rupel. Daarvoor de loskade van Wienerberger mee gebruiken, blijkt echter niet mogelijk omdat die kade de bijkomende hoeveelheden niet aankan. Een tijdelijke loskade ter hoogte van het Molleveld installeren, is eveneens een optie maar dat brengt extra uitdagingen mee zoals het tijdelijk ondertunnelen van het jaagpad en het dwarsen van de Kapelstraat. De vierde mogelijkheid is de aanvoer van grondoverschotten uit de naastliggende groeve van Wienerberger. Het gaat dan hoofdzakelijk om gronden die Wienerberger afgraaft en die voor hen niet bruikbaar zijn. Bovenop de klei ligt immers nog een zandige afdeklaag die niet voor de baksteenindustrie maar wel voor de sanering voldoet. Het afsluiten van de lekkende flanken van het huisvuilstort kan met kleilagen die voor de baksteenindustrie te veel steentjes bevatten. Uiteraard maken we kwaliteitsafspraken over de grond. Het grootste voordeel van de aanvoer van gronden uit het nabijgelegen gebeid is dat het transport niet langs de openbare weg of de Rupel moet gebeuren. Het transport kan via interne werfwegen tussen het ontginningsgebied en de stortplaatsen verlopen. Een deel van het Keibrekerspad zorgt voor de verbinding en moeten we dan helaas tijdelijk afsluiten. Het is in ieder geval helder: De grondoverschotten van Wienerberger gebruiken en op deze manier aanvoeren, levert de minste milieu- en omgevingshinder op.”
Volgende stappen
OVAM, de Openbare Vlaamse Afvalstoffen maatschappij, vraagt nu advies aan Vlaamse instanties zoals het departement Omgeving en het Agentschap Natuur en Bos. Op basis van die adviezen formuleert ze dan haar scopingadvies. Met dat advies laten de grondeigenaars het eigenlijke milieueffectenrapport verder uitwerken. Dat dienen ze dan samen met het bodemsaneringsproject bij OVAM in waarna een openbaar onderzoek volgt zodat iedereen zijn mening kan geven. De eindbeslissing ligt bij OVAM, zij moeten de uiteindelijke saneringsmethode goedkeuren.
Wanneer de saneringswerken starten, is afhankelijk van de doorlooptijd en eventuele reacties of bijkomende vragen van OVAM. “In ieder geval komt het asbeststort als eerste aan de beurt. De Vlaamse Waterweg neemt haar verantwoordelijkheid voor de sanering. Die is en blijft voor alle betrokken overheden prioritair ”, zegt Filip Boelaert, gedelegeerd bestuurder bij De Vlaamse Waterweg nv.
“Hoe het gebied er na de sanering precies zal uitzien, wordt later nog bepaald. Via een Ruimtelijke Uitvoeringsplan (RUP) wijzigde de provincie Antwerpen in 2023 de bestemming van het gebied van golfterrein naar groengebied”, vult Luk Lemmens aan. “Daardoor is gegarandeerd dat het opnieuw een natuurlijk gebied wordt met ruimte voor wandelen en fietsen. Hoogdynamische recreatieve activiteiten zoals evenementen of grootschalige sportinfrastructuur zijn er uitgesloten.”
Huidige situatie op het terrein
Het gebied blijft veilig toegankelijk om te wandelen, spelen of mountainbiken. De afgesloten terreindelen en de vijvers mag je niet betreden. Elke zes maanden inspecteert een erkend bodemsaneringsdeskundige het terrein. Helaas stelt hij daarbij vaak opzettelijke beschadigingen aan de omheining vast, wat steeds opnieuw leidt tot extra herstellingskosten van de voorzorgsmaatregelen. De provincie Antwerpen en De Vlaamse Waterweg nv roepen alle burgers op om zich verantwoordelijk te gedragen en de omheiningen en de verbodsborden te respecteren. Merk je een beschadiging van de omheining of iets verdachts op? Laat het weten via sanering.kleiputten@provincieantwerpen.be.
Meer informatie
Meer informatie over dit project vind je op de projectpagina.