Kano / kajak / roeien

Vanop een kano, kajak of roeiboot ontdek je een verrassend ander Vlaanderen. Langs rivieren en kanalen schuift het steeds wisselende landschap voorbij, met talrijke natuurgebieden, recreatiedomeinen, historische steden en gezellige dorpjes. Zo wordt peddelen of roeien langs Vlaamse waterwegen een onvergetelijke ontdekkingsreis. De Vlaamse Waterweg nv is er voorstander van om de zachte vormen van waterrecreatie bij voorkeur verder uit te bouwen op en langs kleinere waterwegen (CEMT-klasse I en II) waar de omstandigheden om deze recreatievorm te beoefenen veiliger zijn, of waar de randvoorwaarden voor recreatie beter kunnen ingevuld worden.

In- en uitstapplaatsen

De waterwegbeheerders investeren voor zachte recreatie op het water in de vorm van veilige in- en uitstapplaatsen op locaties die als geschikt worden beschouwd voor zachte recreatie.
Voor een overzicht van de beschikbare in- en uitstapplaatsen voor kano, kajak en roeien, zie Brochure Pleziervaart (p. 50-54).


Toegang tot een sluis

De toegang tot de sluizen op de Vlaamse waterwegen wordt om veiligheidsredenen voor alle door spierkracht voortbewogen kleine schepen verboden. De waterwegbeheerders kunnen echter onder de door hen te stellen voorwaarden bij uitzondering de toegang toestaan. 

Uitzondering op het verbod van toegang tot een sluis voor door spierkracht voortbewogen kleine schepen kan overwogen worden voor het versassen van groepen van kano’s en kajaks en andere door spierkracht voortbewogen vaartuigen in het kader van een georganiseerde toervaart of evenement. 

De waterwegbeheerder onderzoekt de vraag en gaat na of het schutten zodanig kan georganiseerd worden dat de impact op de vaartuigen tot een aanvaardbaar minimum herleid wordt. 

De waterwegbeheerder stelt, wanneer een bediening van de sluis verantwoord en mogelijk wordt geacht, de daaraan gekoppelde gebruiksvoorwaarden vast. Deze gebruiksvoorwaarden zullen rekening houden met de specifieke karakteristieken van de sluis evenals met de specifieke karakteristieken van de schepen en hun bemanning. Het dragen van een zwemvest zal steeds als voorwaarde gelden. Van een verplichting om zich achter en vooraan vast te leggen kan afgeweken worden. 


Bedienen van een beweegbare brug

Een beweegbare brug kan worden bediend voor door spierkracht voortbewogen kleine schepen (zoals kano’s en kajaks, roeiboten en vlotten) onder volgende voorwaarden: 

  • er wordt enkel bediend voor een doorvaart op een bepaalde route;
  • er wordt niet bediend wanneer er voldoende beschikbare hoogte is; 
  • er wordt niet bediend voor heen en weer varen bv. voor trainingen; 
  • er wordt niet bediend wanneer in- en uitstapplaatsen beschikbaar zijn, evenwel is een bediening voor een groep recreanten in het kader van een evenement waarvoor toelating werd gegeven wel mogelijk (aanvraag toelating zoals voor sluisbediening); 
  • de bediening kan worden uitgesteld tot andere schepen zich aanbieden;
  • in een stedelijke omgeving kunnen specifieke voorwaarden het bedienen bijkomend beperken. 

Doorvaren van en varen in snelvaartzones

De waterwegbeheerders gaan er bij de vaststelling van snelvaartzones van uit dat het varen in en het doorvaren van snelvaartzones met door spierkracht voortbewogen kleine schepen (zoals kano’s en kajaks, roeiboten en vlotten) verboden is. Waar lokaal blijkt dat dit toch nodig is of mogelijk zou moeten gemaakt worden kunnen de nodige aanpassingen aan de gebruiksmodaliteiten van de snelvaartzone doorgevoerd worden, bijvoorbeeld door langs de oever een strook buiten de snelvaartzone te houden. 

Voor de georganiseerde toervaart of een evenement van door spierkracht voortbewogen vaartuigen kunnen specifieke afspraken voor het doorvaren van een snelvaartzone gemaakt worden. 
Aanvragen worden aan de betreffende waterwegbeheerder gericht. Na onderzoek van de mogelijkheid tot toelating, zullen de nodige maatregelen en randvoorwaarden voor het doorvaren van de snelvaartzone worden vastgelegd.

Zie ook: ‘snelvaart’

Sideblocks
Roeien
Top